Postuum is een bijvoeglijk naamwoord met de betekenis "na de dood", "na iemands dood". Vaak verwijst het begrip naar het werk van een schrijver, dat na diens overlijden wordt gepubliceerd; een dergelijk boek is 'postuum uitgegeven'. Dat gebeurt dan in opdracht van de erfgenamen van de overledene, of van degene die deze daartoe bij testament heeft aangewezen.
'Postume eer' is de eer die aan een recent overledene wordt bewezen.
Postuum gaat terug op het Latijnse postumus, de overtreffende trap van post ("na"), dat onder meer de laatstgeborene betekende, voor een kind dat na de dood van de vader is geboren.[1] Postumus wordt ook wel als voornaam aan zo'n kind gegeven.[2]
Voorbeelden van gebruik
- Iemand wordt postuum gedecoreerd.
- Iemands boek of album wordt postuum uitgegeven.
- Een postume executie is een veroordeling en/of vonnis uitgesproken na de dood.
- Een postuum geboren kind is een kind dat na de dood van de vader geboren is.
Met een h?
De hypercorrecte spelling met h (posthuum) vloeit voort uit volksetymologische associatie met het Latijnse humus "aarde, grond" en humare "begraven". Het woord werd abusievelijk herleid tot post humum, ofwel "na de begrafenis".[3]
- ↑ A. Kolsteren, Ewoud Sanders (1994), Woordenboek vreemde woorden via Ensie
- ↑ Dr. Johannes van der Schaar (1964), Voornamenboek via Ensie
- ↑ etymologiebank








