| Trechtercantharel | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Soort | ||||||||||||
| Cantharellus tubaeformis (Bull.) Fr. (1821) | ||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||
| Trechtercantharel op | ||||||||||||
| ||||||||||||
De trechtercantharel (Craterellus tubaeformis) is een eetbare paddenstoel, die behoort tot de familie Cantharellaceae. De soort staat op de Nederlandse Rode lijst als kwetsbaar.
Kenmerken
Uiterlijke kenmerken
Het vruchtlichaam is zak- of trechtervormig. Het holvormige centrum loopt vaak door tot in de steel. De kleur van de bovenzijde varieert met vloeiende overgangen van olijfgrijs naar geelgrijs naar okerbruin, soms kanariegeel. De zwam is 2–6(-10) cm hoog en wat minder groot in diameter. Er is geen onderverdeling in hoed en steel, ook al lijkt dat op het eerste gezicht zo. De doffe, lichtgele, grijsgele of onopvallende grijze onderzijde heeft meestal dikke aderachtige verknoopte rimpels, zelden zijn deze meer lamelvormig. Ze lopen door tot aan het steelgedeelte. Dit is nooit echt rond en donker grijsgeel of okerbruin van kleur. De steelbasis is gerimpeld, taps toelopend en lichter van kleur. Het sporenpoeder is witachtig.
Microscopische kenmerken
De sporen zijn glad, bolvormig, niet-amyloïde en meten 9-12 × 5-10 µm.
Ecologie
Craterellus tubaeformis groeit in groepen op zure bodems van vochtige sparrenbossen. Hij is een mycorrhiza-partner van verschillende coniferen, vooral dennen en sparren, soms ook van loofbomen. Het groeit in zure, alkalische en voedselarme beuken-, dennen- en sparrenbossen op matig tot sterk vochtige grond. Het verschijnt alleen boven basisch of neutraal gesteente als er zure grond boven aanwezig is. De trechtercantharel maakt vruchtlichamen van augustus tot november, bij regenachtig weer zijn er al in juli vruchtlichamen te vinden.
Verspreiding
De trechtercantharel heeft een Holarctische verspreiding en komt dan ook voor in Europa, Noord-Azië en Noord-Amerika. In Nederland komt hij vrij algemeen voor. Hij staat op de rode lijst in de categorie 'Kwetsbaar'.[1]
Foto's
- Vruchtlichamen ter vergelijking: boven Craterellus tubaeformis en onder Leotia lubrica








